12 jun. 2020

De Nieuwe GGZ - Hoe verbeteren we de psychische gezondheid in een wijk? 

Kan de geestelijke gezondheidszorg wijkgericht georganiseerd worden? Hoe geven we mensen meer regie over hun gezondheid en zorg? Hoe ontstaat in de wijk samenwerking tussen betrokken hulpverleners? Hoe zorgen we dat goede hulp voor iedereen toegankelijk is? Zomaar een greep uit veelvoorkomende vragen die leven in de ggz. In 2016 besloot MET ggz daarom om samen met ketenpartners te bekijken hoe de ggz in een wijk anders georganiseerd kon worden. Het project ‘De Nieuwe GGZ’ is samen met netwerkpartners opgepakt en eind 2018 wetenschappelijk geëvalueerd. Het artikel is verschenen in het prestigieuze British Medical Journal.

 Op dit moment is behandeling binnen de ggz veelal gericht op het verminderen van klachten of het vergroten van het functioneren in de maatschappij. Ggz-organisaties realiseren zich steeds meer dat behandeling gericht moet zijn op persoonlijk herstel: hoe je als individu weer grip krijgt op het eigen leven. Door alle mogelijke ketenpartners in een wijk te betrekken in het project ‘De Nieuwe GGZ’, wordt onderzocht hoe de ggz op een andere manier vorm gegeven kan worden. Uiteraard staat hierin het herstel van de cliënt centraal.  

De Nieuwe GGZ in Roermond

In ‘De Donderberg’, een wijk in Roermond, is het project drie jaar geleden gestart door een krachtenbundeling  van organisaties die een rol spelen bij de psychische gezondheid in de wijk. Het gedachtegoed van “De Nieuwe GGZ was de inspiratie om de genoemde vraagstukken in de praktijk te verkennen. Om de waarde hiervan te bepalen is door de betrokken organisaties afgesproken om kwalitatief onderzoek te doen naar de ervaringen van diverse betrokkenen. Onder leiding van Thijs Beckers, zorglijnregisseur bij MET ggz en niet betrokken bij het project, is er wetenschappelijk onderzoek gedaan naar de praktijkervaringen met De Nieuwe GGZ in de Donderberg.

Thijs: “Als wetenschapper vraag ik me steeds af: hoe weten we of al die nieuwe ideeën ook wel écht werken? En of ze daadwerkelijk ten goede komen van de geestelijke gezondheidszorg?”. Hij heeft zich met een aantal collega's hard gemaakt voor het samengaan van innovatie en onderzoek; om niet alleen te kunnen zeggen dat er nieuwe dingen zijn bedacht, maar ook welke van deze dingen werken – en welke niet. “Door de uitkomsten van het wetenschappelijk onderzoek weten we wat we moeten doen om nog betere zorg te bieden aan mensen met psychische klachten in een wijk. Daarnaast ben ik erg trots dat ons artikel is goedgekeurd en door ggz-professionals wereldwijd te lezen is.” aldus Thijs.  

Belangrijkste conclusies onderzoek - Samen voor de cliënt

Uit het onderzoek komt naar voren dat de inzet van ervaringsdeskundigen als zeer positief wordt ervaren. Mensen die worstelen met hun psychische gezondheid vinden het prettig om een eerste gesprek te voeren met iemand die ervaring heeft met het hebben van psychische problemen. Ook voor een behandelaar is de inzet van een ervaringsdeskundige gunstig, omdat ‘de vraag achter de vraag’ helderder wordt. Hierop kan hij de behandeling laten aansluiten.

Door alle hulpverleners binnen een wijk te betrekken in het project én regelmatig contact te hebben met elkaar, is de stap kleiner om elkaar te consulteren en daadwerkelijk samen te werken. Daarnaast is het betrekken van de inwoners in de wijk onderzocht. Voor veel inwoners is het project onvoldoende zichtbaar en moet hier dus extra aandacht aan besteed worden.

De uitkomsten van het onderzoek zijn meegenomen in de nieuwe fase van het project ‘De Nieuwe GGZ’ in Roermond. MET ggz gebruikt de uitkomsten ook op andere vlakken in haar organisatie om de zorg voor cliënten verder te optimaliseren.

Het volledige artikel “Personal-recovery-oriented community mental health care: Qualitative evaluation of a developmental project” is te lezen op British Medical Journal: http://dx.doi.org/10.1136/bmjopen-2019-035709. De Nederlandse samenvatting is te lezen op https://www.metggz.nl/over-ons/de-nieuwe-ggz-ideeen-en-de-wetenschap

 

Meer over De Nieuwe GGZ

 

Het project is namens alle zorgverzekeraars (mede) mogelijk gemaakt door zorgverzekeraars CZ en VGZ.